
De inzet van POH-Beweegzorg in Middelburg maakt deel uit van een pilot van De huisartsenconnectie, waarin wordt samengewerkt met huisartsen, fysiotherapiepraktijken en zorgverzekeraar CZ. De huisartsenconnectie vervult hierin een verbindende rol en organiseert evaluatiemomenten, waarbij inzichten en ervaringen worden gedeeld.
In de pilot wordt onder andere gekeken naar:
Ook worden verschillen in kaart gebracht tussen het huisartsenspreekuur en dat van de beweegspecialist.
Landelijk zijn er al positieve ervaringen. In Twente is een vergelijkbare pilot afgerond, met goede resultaten op onder andere patiënttevredenheid.
Slimmer verdelen van taken
Internationaal is deze rol al langer ingebed in de zorg. In landen als Engeland werken extended scope specialisten al jaren binnen huisartsenpraktijken en ziekenhuizen.
Volgens Christian past deze ontwikkeling binnen een bredere beweging.
“Met de capaciteitsproblemen in de zorg zullen we slimmer moeten kijken naar de verdeling van taken. Deze functie kan daar goed in passen.”
Voor huisartsen die nog twijfelen heeft hij een duidelijke boodschap:
“Ga vooral in gesprek en durf het te proberen. Het is nog pionieren, maar je leert er altijd van.”
Klachten aan spieren, pezen en gewrichten vormen een groot deel van de vragen waarmee patiënten naar de huisarts gaan. Om die reden is De huisartsenconnectie gestart met de pilot ‘het beweegklachtenspreekuur’. Het doel is om de druk op huisartsen te verlichten en patiënten sneller de juiste zorg te bieden.
Binnen deze pilot wordt gewerkt met een POH-Beweegzorg, een gespecialiseerde zorgverlener die zich richt op klachten aan het bewegingsapparaat, zoals rug, knie of schouderproblemen. We hebben Christian Muller, POH-Beweegzorg bij Huisartsenpraktijk Roozenburglaan gevraagd naar zijn bevindingen.
“Door deze patiëntgroep gericht op het juiste spreekuur te zien, ontstaat er meer ruimte voor huisartsen, terwijl patiënten profiteren van specifieke expertise en gerichter advies.”
Van fysiotherapeut naar specialist in de huisartsenpraktijk
Met een achtergrond als fysiotherapeut zag Christian al vroeg dat hij meer kon betekenen in de diagnostiek van klachten aan het bewegingsapparaat. Daarom volgde hij de opleiding tot extended scope specialist. “Na het afronden van mijn opleiding heb ik actief contact gezocht met huisartsenpraktijken en De huisartsenconnectie. Met de capaciteitsproblemen in de zorg zullen we meer moeten kijken naar taakherschikking.”
Inmiddels draait hij al ruim tweeënhalf jaar een vast spreekuur binnen de huisartsenpraktijk als POH-beweegzorg.
Een gespecialiseerd spreekuur
“De doktersassistente bepaalt via triage of een patiënt bij de huisarts of bij mij op het spreekuur komt. Patiënten krijgen daarbij altijd zelf de keuze en het wordt goed uitgelegd wat het verschil is.”
Een consult duurt meestal vijftien minuten. In die tijd stelt hij een diagnose, bespreekt behandelopties en geeft advies over het herstel.
“Zo nodig verwijs ik door naar bijvoorbeeld fysiotherapie, een specialist in het ziekenhuis of voor aanvullende beeldvorming. Als er twijfel is, kan ik direct overleggen met de huisarts.”
Minder zorg, door betere uitleg
De meerwaarde zit niet alleen in diagnostiek, maar ook in begeleiding en geruststelling, zeker bij patiënten die onzeker of bezorgd zijn over hun klachten.
Christian vertelt over een patiënt met langdurige rugklachten en uitstralende pijn naar het been. Hoewel er geen alarmsignalen waren, maakte de patiënt zich zorgen over een hernia. Na aanvullend onderzoek en uitleg kreeg hij vertrouwen in het herstel.
“Uiteindelijk kreeg hij inzicht in wat er aan de hand was en wat hij zelf kon doen. Daardoor kwam hij weer in beweging en had hij geen verdere zorg meer nodig. Dat is volgens mij precies waar deze functie het verschil kan maken, patiënten helpen om uit de medische draaideur te blijven.”
Meer ruimte voor de huisarts
Ook voor huisartsen levert het spreekuur direct iets op. Klachten aan het bewegingsapparaat vormen naar schatting zo’n 30 procent van het huisartsenspreekuur. Door deze patiënten bij de POH-Beweegzorg onder te brengen, ontstaat er ruimte voor andere zorgvragen.
“De huisartsen krijgen meer ruimte in hun agenda en waarderen het dat er extra expertise in de praktijk aanwezig is.”
Daarnaast ontstaan er korte lijnen met andere zorgverleners, zoals orthopeden, neurologen, sportartsen en gespecialiseerde fysiotherapeuten.